← Terug Toen de Mijnen verdwenen
0%
Zet soundscape uit

Toen de Mijnen verdwenen

De mijnindustrie schepte de mijnstreek—en toen de mijnen verdwenen, bleef de streek verweesd achter. In 67 foto's vertelt Wouter Zaalberg dit verhaal: van de welvaart en kameraadschap, via de werkloosheid en heroïne-epidemie, naar de zoektocht naar een nieuwe identiteit.

Oranje-Nassau I
Oranje-Nassau I
In 1965 werkten in de mijnbouw 24.046 mensen, de indirecte banen niet meegerekend. In de Oranje-Nassaumijnen daalden per 24 uur 5188 koempels af naar het ondergrondse mijnbedrijf.
Deel 1

De wereld die verdween

1965 — 1974

Wie vóór 1974 door de Oostelijke Mijnstreek reisde, zou een wereld ervaren waar alles draaide om een ding: steenkool. Overal zag je schachten, schoorstenen en koeltorens. Je hoorde het geluid van schachtwielen en het lossen van kolenwagens. Je zou struikelen over de vele spoorlijnen en je vergapen aan de steenbergen die iedere dag een beetje hoger werden.

Er zat een grote vanzelfsprekendheid in de manier waarop de mijnbouw hier—samen met de kerk—de dienst uitmaakte en vorm gaf aan de samenleving. Het was de mijnbouw die zorgde voor scholing in de vorm van Ondergrondse Vakscholen en andere technische opleidingen. De mijn maakte van mannen koempels, zonder dat ze daar lang over nadachten. 'Dat deed je gewoon', zeggen oud-mijnwerkers als ze terugblikken op hun leven ondergronds.

Steenkool
Steenkool
De elf mijnen in deze regio hebben in totaal zo'n 472 miljoen ton kolen aan de aarde onttrokken. Genoeg steenkool om de gehele gemeente Heerlen met een laag van acht meter te bedekken.
Johan Heesbeen
Johan Heesbeen, oud-mijnwerker Staatsmijn Emma
"We waren bovengronds soms eenlingen, maar zodra je in de lift stapte veranderde dat. Je keek naar elkaar om en je vertrouwde op elkaar. Het moest wel."
Oefenmijn
Oefenmijn op de oude steenberg van de Oranje-Nassau IV
Voor een stabiele instroom van mijnwerkers werden minstens elf Ondergrondse Vakscholen opgericht. Dit waren plekken waar jongens vanaf 14-jarige leeftijd werden klaargestoomd voor een leven als houwer.
Jan
Jan, oud-mijnwerker Staatsmijn Wilhelmina
De pijler stortte in en Jan belandde onder het puin. Vier jaar lag hij in talloze ziekenhuizen. Hij herstelde en keerde terug naar de mijn, een keuze die hij als vanzelfsprekend beschouwde. Er moest brood op de plank.

De mijnstreek

De handen van Deddo
De handen van Deddo, oud-mijnwerker Julia
Iedere oud-mijnwerker heeft ongelukken gezien of meegemaakt, van relatief klein tot dodelijk. Tijdens één moment van onoplettendheid van een collega verloor Deddo zijn vinger bij de transportband.
Piet Bernaards
Piet Bernaards, oud-mijnwerker Staatsmijn Emma
"Wij tilden de stijlen zelf, met twee man. Soms meer dan 80 kilo per stijl. Kun je het je voorstellen? Ik zou nu nooit meer de mijn ingaan, maar toen was het normaal."
Stoflong
Stoflong
In officiële statistieken overleed gemiddeld 1 mijnwerker per jaar aan silicose. In de praktijk waren het er waarschijnlijk meer dan 100. Geschat wordt dat 20 tot 30% van alle mijnwerkers een vorm van stoflongen had.
Oude luchtschacht
Oude luchtschacht
De mijnbouw maakte littekens in de aarde: tunnels, schachten en instortingen die nog steeds te zien zijn, zoals deze oude luchtschacht in een weiland bij Kerkrade.
Productiebossen
Productiebossen van de Brunssummerheide
Dennenhout was geliefd onder de mijnwerkers omdat het 'spreekt voordat het breekt' en ze daarmee gewaarschuwd werden als een gang dreigde in te storten.
Wilhelminaberg
Wilhelminaberg
De Staatsmijn Wilhelmina produceerde in 63 jaar zo'n 36 miljoen ton afval, goed voor een 95 meter hoge berg. Het bleek te duur om deze na de sluiting helemaal af te graven.
Martin
Martin, oud-mijnwerker Staatsmijn Wilhelmina
"Op de Emma genoot ik door mijn kennis groot aanzien. Dat verdween van de ene op de andere dag." Martin realiseerde de Gedachteniskapel ter nagedachtenis aan gevallen koempels.
Yvonne Olynietsak
Yvonne Olynietsak, dansgroep Podlasie
Met de instroom van buitenlandse arbeiders deden nieuwe tradities hun intrede, zoals Poolse volksdansen die nog steeds worden uitgevoerd door de Brunssumse dansgroep Podlasie.
Bontjas
Bontjas
De bontjas was in Heerlen hét symbool van de gouden tijd. Het is een hardnekkige urban myth dat Heerlen de hoogste dichtheid bontjassen van Nederland had.
Villa Pierre
Villa Pierre
De rijkdom die de mijnbouw bracht, was te zien in de luxe villa's die in het landschap verrezen. Doorgaans gold: hoe hoger in functie, hoe dichter men bij de mijn woonde.
Mijnwerkerskolonie
Mijnwerkerskolonie Versiliënbosch
Koloniën waren hechte gemeenschappen waar iedereen elkaar kende. In Heerlen lagen de meeste koloniën ten noorden van het spoor, het hoger opgeleid personeel woonden ten zuiden ervan.
Voetbalshirt Roda JC
Voetbalshirt van Roda JC Kerkrade
In de Mijnstreek speelde men betaald voetbal voordat de rest van Nederland dat deed. De mijnen steunden voetbalclubs waar getalenteerde mijnwerkers voetbalden voor een groot publiek.
De duifjes van Jos
De duifjes van Jos
Duivenmelken was een populaire hobby onder mijnwerkers. Jos is een van de weinigen die nog actief is en staat iedere dag om vijf uur op om 'zijn duifjes' te verzorgen.
Sint Barbara
Sint Barbara - beschermheilige van de mijnwerker
De innige band tussen de kerk en de mijn werd gesymboliseerd door Sint Barbara. De kerk speelde een grote rol bij de vorming van de traditionele, hiërarchische maatschappij.
Deel 2

Verweesd, verwaarloosd en in verzet

1974 — 2000

Zo abrupt als de verbinding tussen de streek en mijnbouw zich had aangediend, zo abrupt werd deze weer doorbroken. Toen in 1974 de laatste wagen omhoog getakeld werd, een taak die seingever Henk Krans 'zonder veel plichtplegingen uitvoerde', aldus het Limburgs Dagblad, was de Nederlandse mijnbouw voorgoed voorbij. Zo'n 45.000 mijnwerkers en 30.000 werknemers van toeleveringsbedrijven waren werkloos.

Wat was Heerlen nu het geen mijnstad meer was? Voor veel oud-mijnwerkers werd het een plek die hen dagelijks herinnerde aan hun eigen overbodigheid. Jarenlang was men trots op de bijdrage die de mijnen leverden aan de welvaart van heel Nederland. Opeens werd het mijnverleden gezien als vies en beschamend, haar gebouwen als oude rommel, haar koempels als lastig te plaatsen werklui.

Staatsmijn Hendrik
De laatste gebouwen van Staatsmijn Hendrik
Met veel energie en één miljard gulden ging de overheid aan de slag om de mijnterreinen te saneren, de operatie 'Van zwart naar groen'.
Afgraving steenberg
De afgraving van de steenberg
Zelfs de landschappen die de mijnen hadden geschapen, verdwenen. Vrijwel alle steenbergen werden afgegraven, een proces dat nog altijd bezig is.
Martin
Martin, oud-mijnwerker Oranje-Nassau III
'Het was een moeizame tijd, de mijnsluiting. Overal om mij heen was woede en ongenoegen en er was weinig kans op werk.'
Martin besloot met zijn gezin naar Zuid-Afrika te gaan, waar ze zijn kennis goed konden gebruiken in de goudmijnen. Eenmaal aangekomen ervaarde hij, met afgrijzen, de apartheid, zowel bovengronds als ondergronds. De kameraadschap die hij kende uit de Nederlandse mijnen was ver te zoeken en Martin keerde snel terug naar Limburg.
Kaldeborn
Kaldeborn
Stadion Kaldeborn moest de kathedraal van het Limburgs voetbal worden. In plaats daarvan werd het een symbool van het abrupte einde van de welvaart.

Het grote slopen

Heerlen voor de sloop Heerlen na de sloop
1974 1990
1974
Sluiting laatste mijn
Verlies van ±45.000 directe banen. Start structurele werkloosheid.
31 dec Oranje-Nassau I sluit als laatste mijn
30.000 toeleveranciers verliezen werk
1975–1978
Herstructureringsbeleid
Sanering mijnsites, falende vervangende industrie.
1975 Staatsmijnen wordt DSM
1976 Oprichting Rijksuniversiteit Limburg
1978 Perspectievennota Limburg
1979–1982
Oliecrisis en dieptepunt
Werkloosheidspiek (>10%), heroïne-epidemie zichtbaar in Heerlen.
1979 CBS verhuist naar Heerlen
1980 Tweede oliecrisis treft regio hard
1982 Dieptepunt: werkloosheid >10%
1983–1986
Stabilisatie zonder herstel
Hoge WAO-instroom, gezondheidsachterstand.
1984 Open Universiteit naar Heerlen
1985 Hoofdkantoor Staatsmijnen gesloopt
1986 Opening Corio Center
1987–1990
Einde uitzonderingsbeleid
Blijvende krimp en culturele heroriëntatie.
1987 Einde rijkssteun herstructurering
1990 Operatie Hartslag tegen drugscriminaliteit
75.000
banen verloren
14.000
nieuwe banen gecreëerd
762
hectare gesaneerd
535
miljoen gulden steun
Zakia
Zakia, dochter van een mijnwerker
Het verdwijnen van de mijnen betekende het verdwijnen van de werkgelegenheid. Mensen trokken weg. De meesten richting Randstad. Enkelen, waaronder de familie van Zakia, bleven.
Verdwijnen van de kerk
Het verdwijnen van de kerk
Kerk en mijn hadden deze regio vormgegeven, via een rijk verenigingsleven en strenge mores. Maar de invloed van de kerk op de streek was snel tanende.
Bern
Bern, oud-mijnwerker Staatsmijnen Wilhelmina en Emma
"De snelheid en grondigheid waarmee alles werd weggehaald, het was alsof we ons schaamden voor ons verleden."
Longinstituut
Het oude longinstituut van Treebeek
Toen de mijnen verdwenen, bleven de mijnwerkers achter met versteende longen. Pas na jaren actievoeren kregen ongeveer 2000 mijnwerkers een schadevergoeding en excuses.
Terworm
Terworm
De verwaarlozing van Terworm was exemplarisch voor hoe private mijnbedrijven de regio waar ze zoveel aan hadden verdiend achterlieten.
Winkelcentrum
Winkelcentrum
In 1985 week het karakteristieke hoofdkantoor van de Staatsmijnen voor het winkelcentrum Corio Center. 'Een historische vergissing', schreef Maurice Hermans.
Garrelt
Garrelt
"In de jaren tachtig en negentig zijn meerdere gebruikers vermoord. Ik heb verslaafden zien rennen met hun darmen uit hun buik. Voor mij was leven op straat vooral overleven."
Shantal
Shantal
Shantal tippelde in de jaren tachtig op de Willemstraat. Ze is een van de weinige vrouwen die deze tijd heeft overleefd en er nu nog over kan vertellen.
Deel 3

Nieuwe trots en oude wonden

2000 — heden

Inmiddels lijkt Heerlen een stad te zijn geworden waar heden en verleden een nieuwe balans hebben gevonden. De mijnbouw mag weer nadrukkelijk onderdeel zijn van de identiteit van de regio. Oud-mijnwerkers zoeken elkaar op om het verleden levend te houden en jongere generaties verdiepen zich in de geschiedenis van de streek, voelen verbintenis en soms ook trots. Het jaar van de Mijnen in 2015 symboliseert deze hernieuwde aandacht.

Tegelijkertijd dient het mijnverleden zich ook aan waar dat onontkoombaar is. De geschiedenis van de mijnen en haar sluiting heeft deze streek ten diepste gevormd—en vormt haar nog iedere dag. Of zoals een bewoner het zegt: "Het verleden voelt voor mij als een litteken. Geen litteken om je voor te schamen, maar slechts een teken dat je leeft. Dat je durft te springen en te vallen en op te staan."

Portret van Heerlen
Portret van Heerlen
Een wilde iris in de ochtendzon op de Heksenberg, de voormalige steenberg van de Oranje-Nassau IV.
Lindsay en haar dochter
Lindsay en haar dochter
"Mijn opa was een stille man, maar leefde op als hij over de mijnen vertelde. Die trots greep mij aan. Uren en uren heb ik naar zijn verhalen geluisterd."
Mijnmuseum Brunssum
Mijnmuseum Brunssum
Iedere woensdagmiddag komen de oud-mijnwerkers samen. Zittend tussen de spullen die ze liefdevol hebben verzameld, praten ze urenlang over het leven van vroeger.
Hans op de koempelmis
Hans op de koempelmis
Hans Jacobs (75) bezoekt maandelijks de koempelmis, waarin de gevallen mijnwerkers van alle mijnen uit de regio worden herdacht.

Uit het dal

Uit het dal
De goedkope facade van een winkelpand in het centrum wordt afgebroken en de oude architectuur komt langzaam tevoorschijn.
De stand van Heerlen en omstreken:
255.600
inwoners in Stadsregio Parkstad (2022)
Beekdaelen · Brunssum · Heerlen · Kerkrade · Landgraaf · Simpelveld · Voerendaal
Huishoudens met uitkering
Parkstad
20%
Limburg
15,4%
Nederland
12,3%
Goede/zeer goede gezondheid
Parkstad
64,7%
Nederland
70,4%
Netto arbeidsparticipatie
0 per 1.000 inwoners (15-64)
Retail-leegstand
0% van verkooppunten
Werkgelegenheid
0 werknemers
0 bedrijven
Vergrijzing (65+)
Parkstad
26,4%
Nederland
19,8%
Gem. woningwaarde
0 NL gemiddelde: € 420.000
Bevolkingstrend
−12% sinds 1997, krimp vlakt af CBS / PBL prognose
Bart en zijn tattoo
Bart en zijn tattoo
"Wanneer je nu ziet hoe Heerlen weer aan het bloeien is, nadat het ooit een troosteloze stad was waar drugsproblematiek hoogtij vierde, dan kun je daar met recht trots op zijn."
James Jetlag
James Jetlag, muralist
James Jetlag, een van Heerlens bekendste muralisten en grondlegger van de muralcultuur, maakte in 2012 een serie werken waar het mijnverleden voor het eerst was te zien.
John
John, lid van de motorclub
Op de plek waar ooit de Oranje-Nassau IV stond, staat nu het clubhuis van de Limbury Roadstars.
Emeli
Emeli (9), trompettist van het Toekomst Orkest Laura
Emeli, kleindochter van een mijnwerker, speelt trompet in het Toekomst Orkest Laura. Harmonie Laura bloeit met 90 muzikanten en een 75-jarig jubileum in het vooruitzicht.
Marcel en de kolen
Marcel en de kolen
Als een van de laatste plaatsen in de Mijnstreek vindt hier, op een kolenveredelingsbedrijf in Eygelshoven, nog economische activiteit rondom steenkool plaats.
Zilverzand
Zilverzand en Heksenberg
Op de locatie van de Oranje-Nassau IV wordt nu zilverzand gewonnen. Zilverzand wordt gebruikt voor onder andere de productie van glas en silicium.
Windmolens
Windmolens
De voormalige Mijnstreek wordt in 2040 energieneutraal, dat is althans het streven. Hier wordt onderhoud gepleegd aan een windturbine over de grens in Duitsland.
Mesy
Mesy
Mesy (20), een opkomende rapper die onlangs een platencontract tekende. Mesy is in veel opzichten een product van het nieuwe Heerlen: uitgesproken, talentvol en rauw.
Inaya
Inaya, kinderburgemeester Heerlen
Inaya was elf jaar oud toen ze in het kindercollege van Heerlen kwam. De opa van Inaya werkte als mijnwerker in een Oranje-Nassau mijn.
* * *

Als expositie en in de media

Media Media Media Media Media Media

Grote expositie in Heerlen centrum

Exposities in Amsterdam, Maastricht en Kerkrade

Publicaties in De Volkskrant, NRC, PF Magazine, De Limburger en meer

Uitgave eigen boek (uitverkocht)

Einde van deze serie

Bekijk ook

Contact

wouterzaalberg@gmail.com

06 45 788 180